“Mijn geld is alweer op.” Misschien heb jij het zelf weleens gezegd. Toch kan het opvallend zijn hoe snel het weekend aanbreekt en er ineens geld wordt gevonden voor gezelligheid.
Vrijdagavond begint het. Eerst even met vrienden wat drinken. Zaterdag misschien naar een feestje, een verjaardag of een restaurant. Daarna nog ergens langs voor een burger, patat, pizza of andere fastfood. Zondag is er misschien een lunch buiten de deur of een spontane rit om ergens iets te gaan eten.
En dan komt maandag.
“Ik heb echt geen geld meer.”
Herken je jezelf hierin?
Je hoeft jezelf natuurlijk niet alles te ontzeggen. Een avondje uit, lekker eten of gezellig met vrienden zitten hoort bij het leven. Maar als je iedere week klaagt dat je financieel krap zit, terwijl je ondertussen geld uitgeeft aan uitgaan, eten en spontane plannen, is het misschien tijd om eerlijk naar je eigen gewoonten te kijken.
Want het blijft niet altijd bij eten.
Misschien neem je voor het gemak een taxi terwijl je ook anders had kunnen reizen. Je koopt onderweg nog een drankje, haalt snacks voor thuis of bestelt eten omdat koken op zaterdagavond geen optie lijkt. En als vrienden ergens naartoe gaan, wil je natuurlijk niet altijd degene zijn die zegt dat het geld op is.
Kleine bedragen stapelen zich op
Het verraderlijke is dat iedere afzonderlijke uitgave klein kan lijken. “Het is maar een drankje.” “Het is maar één maaltijd.” “Deze keer geef ik niet zoveel uit.”
Maar meerdere kleine uitgaven in één weekend kunnen samen een behoorlijk bedrag worden.
Genieten mag, maar kijk ook vooruit
Je hoeft dus niet thuis te blijven terwijl iedereen plezier maakt. Maar misschien is het verstandig om jezelf af en toe af te vragen: past mijn weekend bij wat ik maandag over mijn financiële situatie zeg?
Want soms heb je niet helemaal geen geld.
Soms heeft je geld gewoon al een weekendbestemming gekregen.